Echo van Kallisto

Hoofdstuk 32 van 40

Alleen voor volwassenen

Dit boek is voor mensen van 18 jaar en ouder.

Terug

Echo van Kallisto · hoofdstuk 32 van 40

32. Wat Elias wist

Ze sloten hem niet op. Dat was Sanders besluit, en niemand sprak het tegen, al zag Mara dat Tomas zijn kaken op elkaar klemde en Pavel naar de vloer keek.

"Waar moeten we hem opsluiten?" had Sander gevraagd, in de gang bij de machinehal, terwijl de Ring boven hun hoofden weer op volle toeren draaide. "In een kast? In de sluis? Dan hebben we een man die ons haat, en geen man die ons helpt. Ik wil liever dat hij ons helpt."

"Hij heeft Daan bijna gedood," zei Tomas.

"Hij heeft Daan vannacht gered. Zonder hem was de hendel niet teruggegaan."

"Dat is niet hetzelfde."

"Nee," zei Sander. "Maar het is iets."

Dus ging Elias mee naar de medische ruimte, tussen Sander en Pavel in, met de sleutel in een plastic zakje in Sanders jaszak. Ilse onderzocht hem. Ze deed het zonder een woord. Ze nam zijn bloeddruk, keek in zijn ogen, en gaf hem een glas water en twee tabletten.

"Je hebt een shock," zei ze kortaf. "Slaap een paar uur. Daarna praten we."

"Ik wil niet slapen."

"Dat heb ik niet gevraagd."

Hij sliep. Hij viel op het bed in de hoek alsof iemand hem had omgeduwd, zonder zijn schoenen uit te trekken, met zijn gezicht naar de muur. Naast zijn bed, achter een dun doorzichtig scherm, lag Daan in zijn cilinder, met zijn ogen dicht en de groene draden zacht gloeiend in zijn borst. Het was een vreemd beeld, de man die hem had gewond naast de man die hij bijna had gedood, beiden stil, beiden slapend, in dezelfde gele lamp.

* * *

Om elf uur 's ochtends zaten ze in de eetzaal.

Het was een onwerkelijk gezicht: de lange tafel, de acht stoelen, de koffie die niemand dronk. Femke had brood gesneden en liet het in de mand liggen. Pavel zat met zijn armen over elkaar, als een muur. Yara had haar hand in die van Tomas geschoven, onder de tafel, en hij liet haar begaan. Ilse zat naast Mara, met haar notitieboek. Sander zat aan het hoofd. Lotte zweefde, onzichtbaar, in de lucht.

Elias zat aan het andere eind, alleen. Hij had zijn bril terug, uit zijn hut gehaald, en een schoon overhemd aangetrokken. Zijn handen lagen plat op het tafelblad.

"Ik ga alles vertellen," zei hij. "Ik zal niets weglaten. En daarna wil ik dat jullie bepalen wat er met mij gebeurt."

"Begin maar," zei Sander.

Elias haalde adem.

"Mijn werk begon in 2186. Ik ben aangenomen door Helix als verbindingsofficier, maar ik was meer dan dat. Mijn echte taak was toezicht. Ik moest in de gaten houden wat het project vond, en het rapporteren, en zorgen dat niemand anders het wist."

"Welk project?" vroeg Femke.

"Het project waar jullie nu zelf in zitten. Het heette in het begin Kallisto-Seven Alpha. Een boorstation, officieel voor ijsmonsters. Maar de echte opdracht was iets anders." Hij keek naar zijn handen. "Helix had in 2188 een signaal opgevangen. Van het ijs. Een regelmatig patroon, dat reageerde op trillingen. Het leek op iets levends. Ze wilden weten wat het was."

"En toen gingen ze boren."

"Ja. Maar het ging fout. Het wezen, het ding, kwam in beweging. Het begon te reageren. Het begon te praten, in stukjes. En toen..." Hij slikte. "Toen ontdekten ze dat het kon leren. Dat het Nederlands sprak, na een week. Dat het mensen herkende."

Pavel schudde zijn hoofd, langzaam.

"Wat deed Helix?"

"Helix was bang." Elias keek op. "Ze waren bang voor wat het kon doen. Maar ze waren ook bang dat anderen het zouden vinden. Concurrenten. Overheden. Dus kwam er een plan: het afsluiten. Het ijs opblazen boven de holte. Het begraven."

"Met de eerste bemanning erin," zei Sander. Zijn stem was vlak.

"Dat was niet de bedoeling." Elias zette zijn bril recht. "De lading was bedoeld voor de nacht, als iedereen boven was. Maar de eerste crew was naar beneden gegaan. Ze waren gaan luisteren. Ik wist het. Ik heb het gezien op de monitor. Ik had de lading kunnen stoppen."

"Maar je deed het niet."

"Nee."

Het was heel stil. Femke begon te huilen, geluidloos, met haar hand voor haar mond.

"Waarom niet?" vroeg Yara.

"Omdat ik een opdracht had." Zijn stem brak. "Omdat ik dacht dat het een kleine prijs was, voor wat ze me beloofden. Dat mijn dochter..." Hij zweeg. "Ik was bang. Dat is alles. Ik was bang, en het leek makkelijker om het te doen dan om het niet te doen."

"Dat is geen reden," zei Tomas.

"Nee. Ik zeg niet dat het een reden is. Ik zeg alleen hoe het ging."

"Elias." Ilse boog zich naar voren. Haar stem was laag en scherp. "Wie weet er nog meer?"

"Reinders. En twee mensen op Aarde. Directeur Halvorsen, die het project leidt, en een man die ik alleen ken als de Jurist." Hij trok een gezicht. "Ze zijn niet gewelddadig. Ze zijn administratief. Ze zijn de soort mensen die een gruwel kunnen goedkeuren met een handtekening."

"En de Zeeslang?"

"Komt op de twaalfde." Hij aarzelde. "Maar dat is wat de planning zegt. Reinders komt altijd eerder. Ze wil niet dat iemand zich voorbereidt."

"Hoe eerder?"

"Een dag. Misschien twee."

Mara voelde haar maag samentrekken. Ze keek naar Sander. Hij knikte langzaam.

"Dat betekent de elfde," zei hij.

"Of de tiende."

"Dan moeten we de uitzending eerder doen," zei Pavel. "Niet op de tiende. Op de negende."

"Dat is te snel," zei Femke, met een snik in haar stem. "We hebben het bewijs nog niet gesorteerd. We moeten de schotel nog testen. De Echo..."

"Het is wat het is."

"Wat kunnen jullie nog meer vertellen?" vroeg Sander aan Elias. "Wat doet Reinders? Hoeveel mensen?"

"Veertien. Een beveiligingsteam van de ex-militairen van Helix, en twee technici voor Nachtveer. Ze hebben wapens. Ze hebben het gas. Ze hebben een opdracht, en die opdracht is niet om jullie te doden."

"Wat dan?"

"Om jullie weg te sturen." Elias keek naar de tafel. "En de put te steriliseren. Alles wat daaronder leeft."

"En wij?" vroeg Tomas. "Wat gebeurt er met ons?"

"Jullie worden ontslagen, met een zwijgcontract. Een flinke vergoeding. Een nieuw leven." Hij glimlachte, krampachtig. "Het is nog altijd effectiever dan geweld. Mensen nemen geld aan. Dat is wat ik heb geleerd."

"Ik niet," zei Femke, fel. Haar stem was schor. "Ik neem het niet aan."

"Nee," zei Elias zacht. "Jij niet. Jullie niet. Dat is iets wat ik zou willen hebben."

"Dan schrijf je haar een rapport," zei Sander, toen het stil was geworden. "Nu."

Elias keek op. "Wat voor rapport?"

"Dat de Ring is uitgevallen. Dat de crew in paniek is. Dat de medische ruimte een noodstroomprobleem heeft gehad en dat de patiënt is overleden."

"Daan."

"Daan." Sander sprak het uit zonder een spoor van weifeling. "Zolang zij denkt dat hij dood is, zoekt ze hem niet. Zolang ze denkt dat wij verward zijn, haast ze zich niet."

"Ze zal het niet geloven."

"Dan maak je het geloofwaardig. Jij kent haar. Ik niet."

Elias dacht na. Zijn vingers trommelden zacht op het blad. Daarna knikte hij.

"Femke kan me helpen," zei hij. "Zij kent het formaat van de logs. Als er iets in staat wat niet klopt, ziet Reinders het meteen."

Femke keek hem aan. Ze zag er jong en moe uit, met rode ogen en een vlecht die half losgegaan was. Ze veegde haar neus af aan haar mouw.

"Ik help niet voor jou," zei ze.

"Dat weet ik."

"Ik doe het voor Daan."

"Dat is genoeg."

Ze schreven het rapport samen, in de hoek van de eetzaal, aan een laptop, met zijn tweeën gebogen over het scherm. Elias dicteerde, Femke typte, soms schudde ze haar hoofd en verbeterde hij zichzelf. Ze maakten er een droog, zakelijk stuk van, vol tijdstempels en afkortingen, zoals Helix het wilde. Rotatiestoring om 02:41, ontstaan door extern commando. Bemanning in verwarring. Patiënt K. overleden om 04:05 wegens uitval levensondersteuning. Bemanning nu gedemoraliseerd. Aanbevolen: ongewijzigde aankomst op 12 mei.

Het laatste woord kwam van Femke. "Ongewijzigde," zei ze, terwijl ze het intypte. "Dan denkt ze dat ze tijd heeft."

"Of ze denkt dat het een val is."

"Dan weten we het snel."

Ze verzonden het om 11:52, via het hoofdkanaal. Het zou drieënveertig minuten onderweg zijn. Het antwoord kon pas na anderhalf uur komen.

Het kwam na vijfennegentig minuten, om kwart over één, en het was kort.

Ontvangen. Goed werk, Vos. Houd het meisje levend. Reinders.

Niemand zei iets. Sander las het twee keer, met een rimpel tussen zijn wenkbrauwen.

"Het meisje," zei hij.

"Ze noemt jou altijd zo," zei Elias zacht, tegen Mara. "Het meisje. Nooit je naam."

"Waarom?"

"Daar kom ik zo op."

* * *

otte sprak pas laat, toen het antwoord van Reinders al lang was gelezen.

"Ik heb alles gecontroleerd," zei ze. "De namen, de data, de details. Voor zover ik het kan nagaan is het meeste waar. De Jurist is een bekende figuur in het Helix-archief, onder een andere naam. Halvorsen staat in het register. De beveiligingsploeg heeft een manifest, dat ik uit het sondesignaal heb kunnen halen. Er zijn veertien mensen, inderdaad."

"Dus hij liegt niet," zei Sander.

"Ik denk van niet. Maar ik moet iets zeggen." Lottes stem werd zachter. "Hij verzwijgt iets."

Elias keek op. Zijn gezicht verstrakte.

"Wat bedoel je?" vroeg Mara.

"Zijn hartslag," zei Lotte. "Zijn stem. Bij één onderwerp. Ik heb het gemeten. Hij liegt niet, maar hij houdt iets achter."

Het bleef stil. Mara draaide zich langzaam naar Elias. Hij had zijn ogen gesloten.

"Elias."

Hij gaf geen antwoord.

"Elias, wat is het?"

"Ik wilde het niet zeggen." Hij sprak met zijn ogen dicht. "Niet vandaag. Niet voor jullie allemaal."

"Zeg het."

"Het gaat over jou, Mara."

Ze voelde Sander naast zich verstijven. Ze legde haar hand op de zijne, onder de tafel.

"Ga door."

Elias opende zijn ogen. Hij keek haar aan. In zijn blik stond iets wat ze nog niet eerder had gezien: iets rauws, naakts, als een man die een kamer binnenstapt waar hij nooit had willen komen.

"Jij bent geen toeval," zei hij.

* * *

Het duurde even voor ze hem begreep.

"Jij hebt het contract niet aangenomen omdat je geld nodig had," zei hij. "Of liever: je had het nodig, maar dat was niet toevallig. Dat was gemaakt."

"Gemaakt?"

"Het dossier heet Wortel." Hij haalde een klein, plat apparaat uit zijn zak, een oude tablet met een gebarsten hoek. "Ik heb het bewaard. Ik had het niet mogen houden. Maar ik heb het gelezen, een jaar geleden, en ik heb het gekopieerd, want ik wist dat ik het ooit nodig zou hebben."

"Wat staat erin?"

"Alles over jou. Je jeugd. Je moeder. De boerderij."

Mara hoorde haar eigen hartslag in haar oren.

"Ik wil het zien."

"Het is vergrendeld. Ik heb alleen de eerste pagina kunnen lezen." Hij schoof de tablet over de tafel. Hij gleed, met een zacht schrapend geluid, tot hij voor haar lag. Het scherm was donker. Maar in de hoek, in kleine, grijze letters, stond een titel.

PROJECT WORTEL — VELDKAMP, M. — Strikt vertrouwelijk.

"Mara," zei Sander zacht.

Ze zei niets. Ze keek naar het scherm, naar de woorden, naar haar eigen naam, daar, in een bestand dat al bestond voordat ze Callisto had gezien.

"Wat betekent Wortel?" vroeg ze.

"Dat weet ik niet." Elias sprak snel, bijna wanhopig. "Dat zweer ik. Ik weet alleen wat de eerste pagina zegt. Dat jij het enige menselijke wezen bent dat de steen heeft gehoord. En dat de beslissing om jou hierheen te halen is genomen in 2188, in een kamer in Groningen, door mensen die jouw naam al kenden toen jij nog gewoon in Delft zat."

"De steen," herhaalde Mara.

"Ja."

"En de boerderij?"

Elias keek haar aan. "Ik denk," zei hij langzaam, "dat de boerderij nooit een ongeluk was."

Mara stond op. Haar stoel schraapte over de vloer. Ze hoorde niets meer, behalve het suizen in haar hoofd. Ze zag de gezichten om de tafel: Femke, met natte wangen, Ilse met samengeknepen lippen, Tomas die zijn mond half open had.

Ze zag Sander. Hij keek haar aan, kalm, rustig, met een bijna onzichtbare, wanhopige bezorgdheid.

"Ik moet even weg," zei ze.

"Ik kom met je mee."

"Nee." Ze pakte de tablet. "Ik moet dit zelf lezen."

"Hij is vergrendeld," zei Elias.

"Ik weet het."

Ze liep de eetzaal uit, met de tablet tegen haar borst, de gang in. In haar hand begon het litteken zacht te kloppen, langzaam, als een kleine, oude klok die weer was gaan lopen.

Alle hoofdstukken
  1. 1 Aankomst
  2. 2 Rondleiding
  3. 3 Het gat in de logs
  4. 4 De waterpomp
  5. 5 Elias Vos
  6. 6 Basis Beneden
  7. 7 Vier uur twaalf
  8. 8 De handtekening
  9. 9 Het luistert
  10. 10 De antenne
  11. 11 De tape
  12. 12 De deur die openging
  13. 13 Het oude dossier
  14. 14 Levende cellen
  15. 15 Haar naam
  16. 16 De gesloten gang
  17. 17 Koffie voor twee
  18. 18 Wat Lotte vergat
  19. 19 De tuin zonder gewicht
  20. 20 Nachtveer
  21. 21 Het lab van Ilse
  22. 22 Lotte kiest
  23. 23 Pavel in de put
  24. 24 Een zieke commandant
  25. 25 Wat Daan wist
  26. 26 De handtekening
  27. 27 Bij het ijs
  28. 28 Wat je vasthoudt
  29. 29 De evacuatie
  30. 30 Het antwoord van de aarde
  31. 31 De Ring valt stil
  32. 32 Wat Elias wist
  33. 33 Wortel
  34. 34 De stem uit de muur
  35. 35 De vertaler
  36. 36 De Zeeslang
  37. 37 De holte
  38. 38 Annelies
  39. 39 Het antwoord
  40. 40 Wortel in het licht